Ja annah bij mijn broertje Anna dood dacht nuetbhe mijn wijf mag je niet ma totaal niet Mark al helemaal niet en je laat
1 view
Transcript
Maar weet je wat het fijne is aan mijn wijf? Als ik flip, blijft zij rustig. En als zij flip, blijf ik rustig. En dan blijft de shit sowieso stabiel. We gaan niet tegen elkaar zitten flippen, want dan heb je helemaal geen zin. Mijn wijf flippt me ook weleens, die is ook wel zat. Wordt in de ochtend wakker, ja ik ben helemaal klaar mee. Dan reageert ze toch op mij. Nou, een uurtje later zit ik te luisteren, dat komt allemaal wel goed. En andersom word ik ook nog zachtgerijdig wakker. En dan reageer ik dan toch af op haar. Nou, ik zeg, ja, dat was eigenlijk niet zo de bedoeling, maar ik zit ook met frustratie. Dus dan zeggen ze, ja, dat is goed. Mijn vijf en ik zijn geweldig samen. Ja? We hebben soms allebei ons dag niet en we vergeven elkaar en we gaan verder. Ja? We schrijven dat af. We blijven niet even hangen, jarenlang, urenlang, in shit. Als je het dag niet hebt, reageer maar op me af. Ik sta er ook klaar in, zij ook. Maar we slaan elkaar niet. We schelden elkaar in principe nooit uit. Maar... Soms is hij het niet helemaal mee eens met een vakmaat van contact. Dan denk ik van, nou ja, ik moest even mijn agressie kwijt. Ik zeg, ja, is goed. Ik zit een uur lang te luisteren, maar ik denk, luid maar, je houdt van me, want anders ben je niet boos van me. Hoppe. Mijn wijf is geweldig. En soms dat ik zegt, ja, kut, hoor. Ik zeg, moet je even wijn hebben. Ja? Kijk, je zet hem niet erop. Je drukt hem gewoon weg. Helemaal niks mee te maken. En dan, ja, einde van de dag, ja, is het goed. Iedereen heeft zijn uitdagetjes, maar wij vinden onze weg. Samen. En we zijn gelukkig. We wonen niet samen. Dat gaat ook niet. Dat was het deal van het eerste begin. Ik heb een geweldige vijf. En wat jullie voor onze relatie ook vinden. Ja, het gaat je niks aan. Wij zijn happy en Anna is een gelukkig kind. En die wil niet met al die begoden te maken hebben. En ook niet blootgesteld worden aan mijn broer. Mijn vijf wil mijn moeder niet ontmoeten. Die zegt, die is helemaal niet goed. En Anna komt er ook nooit over. Vroeger zat Anna van Mark, mijn broertje, kookgeslaagd. Een telefoon op de hoofd. En dan moet ik mijn vijf gaan bellen. Ja, ik zie het wel echt zo voor me. Ja, Anna is overleden. Wat? Heb je Anne meegenomen naar je moeder waar Mark binnenkomt? Ja, sorry. Nou, die belofte ga ik nooit breken. Ze heeft me verzekerd. Neem ons kind. Nooit. Maar dan heb ik nooit mee naar die hel daar. Want een kind gaat sterven. Mark gooit met alle pleursooi. Nou, en dan moet je je wijf gaan bellen. Ja, Anna is niet meer. Ja, Anna doet niet meer. Nee, ze is dood. Probeerde haar te reanimeren. Mijn kookverslaafde gekke broer, die pleurde telefoon op haar hoofdje. Ja, lag in mijn armen. Ja, hij was precies raak. Schedelbreuk. Probeerde nog te reanimeren. Ja, ambulancebel lukte niet, want iedereen was zo druk met Mark. En ze is dood. Nou, zie je haar telefoon gespekt voor me, met mijn wuis. Laat ik dus dit, ja. En dan zeggen ze tegen mij dat ik kankerbegol ben. Ik ga mijn kind niet laten overlijden. Die is helemaal facken gek met jullie agressie.
- [0.0–25.8] Maar weet je wat het fijne is aan mijn wijf? Als ik flip, blijft zij rustig. En als zij flip, blijf ik rustig. En dan blijft de shit sowieso stabiel. We gaan niet tegen elkaar zitten flippen, want dan heb je helemaal geen zin. Mijn wijf flippt me ook weleens, die is ook wel zat. Wordt in de ochtend wakker, ja ik ben helemaal klaar mee. Dan reageert ze toch op mij. Nou, een uurtje later zit ik te luisteren, dat komt allemaal wel goed. En andersom word ik ook nog zachtgerijdig wakker. En dan reageer ik dan toch af op haar.
- [25.8–54.4] Nou, ik zeg, ja, dat was eigenlijk niet zo de bedoeling, maar ik zit ook met frustratie. Dus dan zeggen ze, ja, dat is goed. Mijn vijf en ik zijn geweldig samen. Ja? We hebben soms allebei ons dag niet en we vergeven elkaar en we gaan verder. Ja? We schrijven dat af. We blijven niet even hangen, jarenlang, urenlang, in shit. Als je het dag niet hebt, reageer maar op me af. Ik sta er ook klaar in, zij ook. Maar we slaan elkaar niet. We schelden elkaar in principe nooit uit. Maar...
- [54.4–85.0] Soms is hij het niet helemaal mee eens met een vakmaat van contact. Dan denk ik van, nou ja, ik moest even mijn agressie kwijt. Ik zeg, ja, is goed. Ik zit een uur lang te luisteren, maar ik denk, luid maar, je houdt van me, want anders ben je niet boos van me. Hoppe. Mijn wijf is geweldig. En soms dat ik zegt, ja, kut, hoor. Ik zeg, moet je even wijn hebben. Ja? Kijk, je zet hem niet erop. Je drukt hem gewoon weg. Helemaal niks mee te maken. En dan, ja, einde van de dag, ja, is het goed. Iedereen heeft zijn uitdagetjes, maar wij vinden onze weg. Samen. En we zijn gelukkig.
- [85.2–115.3] We wonen niet samen. Dat gaat ook niet. Dat was het deal van het eerste begin. Ik heb een geweldige vijf. En wat jullie voor onze relatie ook vinden. Ja, het gaat je niks aan. Wij zijn happy en Anna is een gelukkig kind. En die wil niet met al die begoden te maken hebben. En ook niet blootgesteld worden aan mijn broer. Mijn vijf wil mijn moeder niet ontmoeten. Die zegt, die is helemaal niet goed. En Anna komt er ook nooit over. Vroeger zat Anna van Mark, mijn broertje, kookgeslaagd. Een telefoon op de hoofd. En dan moet ik mijn vijf gaan bellen.
- [115.3–145.4] Ja, ik zie het wel echt zo voor me. Ja, Anna is overleden. Wat? Heb je Anne meegenomen naar je moeder waar Mark binnenkomt? Ja, sorry. Nou, die belofte ga ik nooit breken. Ze heeft me verzekerd. Neem ons kind. Nooit. Maar dan heb ik nooit mee naar die hel daar. Want een kind gaat sterven. Mark gooit met alle pleursooi. Nou, en dan moet je je wijf gaan bellen. Ja, Anna is niet meer. Ja, Anna doet niet meer. Nee, ze is dood.
- [145.4–176.3] Probeerde haar te reanimeren. Mijn kookverslaafde gekke broer, die pleurde telefoon op haar hoofdje. Ja, lag in mijn armen. Ja, hij was precies raak. Schedelbreuk. Probeerde nog te reanimeren. Ja, ambulancebel lukte niet, want iedereen was zo druk met Mark. En ze is dood. Nou, zie je haar telefoon gespekt voor me, met mijn wuis. Laat ik dus dit, ja. En dan zeggen ze tegen mij dat ik kankerbegol ben. Ik ga mijn kind niet laten overlijden. Die is helemaal facken gek met jullie agressie.
- Geplaatst
- 28 oktober 2026, 15:07 UTC
- Duur
- 2:56.6
Profiel: verberkmoesrichard2
Trefwoorden: yacht marina dock concrete walkway water sailboat cityscape shadow people
Tekst in beeld: ya
Acties: Bewegen langs een wandelpad, Kijken naar boten
Objecten: boten, pier, betonnen pad, bomen, gebouwen, bankje, bierfles, scheepsmasten, kabels, blauwe drijver
Setting: Buiten, aan een haven met een betonnen wandelpad.
Personen: Eén man in wit T-shirt en lichte broek, en een paar andere mensen op de achtergrond. Geen duidelijke identiteit of activiteit.
Bijschrift: Ja annah bij mijn broertje Anna dood dacht nuetbhe mijn wijf mag je niet ma totaal niet Mark al helemaal niet en je laat het gewoon toe dat geweld straks Anna dood echt niet
Beschrijving: De video begint met een uitzicht op boten die aan een pier liggen, gevolgd door een reeks frames die de beweging langs een betonnen wandelpad tonen, met uitzicht op de haven en gebouwen in de verte.